Déja vu……………………


“Al gezien”, vrij vertaald. En ja, hebben we als biljarter al niet alles een keer gezien, meegemaakt? Ik dacht hieraan tijdens twee gelegenheden: bij Theo v.d. Aa in Wormerveer en bij de 2 NK’s 38/2 kader in Castricum een week later.
Op bezoek bij Theo kwam de gedachte bij mij op toen ik hem in zijn derde partij prima zag spelen (ruim 3), maar hij toch kansloos verloor. Tegenstander speelde bijna 6 !!! Dat is mij in alle jaren ook overkomen met als “hoogtepunt” een partij in de kadercompetitie tegen Jeroen Beentjes van OBIS destijds. Van acquit met ruim 60, gevolgd door nog eens iets dergelijks: ruim 130 in 2(!) beurten. En Jeroen? 250 crb’s 57/2, 2e beurt uit met 197! 5 Minuten de pest in (dat mag) en daarna niets anders dan tevredenheid: wat een partij was me dat! Moet voor Theo ook zo gevoeld hebben en hij behaalde uiteindelijk een prima resultaat daar in Wormerveer. Prachtige locatie overigens bij WBV; dat mag gezegd.
Afijn, weekend later naar Castricum en alweer zo’n prachtige nieuwe locatie! Tsjonge, wat moet het toch een genot zijn om in dergelijke lokalen op te treden. Alles helder, fris en nieuw; je ruikt haast de verse verf nog. Twee NK’s tegelijk op zes tafels; een waar kaderspektakel. Overgangsklasse 38/2 (12 tot 18 moy.) en Topklasse (18 moy. en hoger). In beide NK-opstellingen stonden bekende spelers, mannen die ik in voorgaande jaren vaker ben tegengekomen op en naast het biljart.
Ad Ketels (Velsen) bijvoorbeeld, die prima voorwedstrijden had gespeeld. Dan ga je m.i. met een goed gevoel de finale in. Toch? Nu, ik zag 2 partijen van Ad in de Overgangsklasse en bij vlagen herkende ik hem niet. Slordig, gehaast, bezig met de omgeving, kortom: op de één of andere manier niet geconcentreerd. Hij wilde wel natuurlijk, maar het lukte hem niet te focussen. Alweer: déja vu! Ik weet zo goed hoe het voelt.
In de Topklasse stonden twee kadristen die ik zeer goed ken: Rob Kok (BCS Schagen) en Jurgen Toorneman (BV Dos Hattem). Robbie draait al jaren mee in de kadercompetitie en is ook o.a. Nederlands kampioen libre geweest. Jurgen was mijn tegenstander in het NK 2e klasse 38/2 in Hattem, mijn laatste Nk in 2012 en als 1e geplaatst! Ik won van hem de opening, maar slecht en daarop volgde nog veel meer malheur. Restez-dedans, touché, billiardé, topeind stuk, kortste partij en hoogste serie (186) om mijn oren en uiteindelijk roemloos achtste en laatste.
Rob Kok was nu de “de Gier van 2012”. Ook hij was als eerste geplaatst met ruim 24 moyenne en dus kanshebber. Toch? Nu, dat is biljarten. Je traint goed, de voorwedstrijden speel je prima en enkele weken later op het NK lijk je een absolute beginneling. En iedere tegenstander krijgt vleugels. Je foutjes worden keihard afgestraft, je posities verknoei je bij het leven en het lijkt alsof die drie ballen een eigen leven leiden. Ik zag Rob worstelen en zwoegen en kreeg haast medelijden met hem, zo goed ken ik het gevoel dat je dan a.h.w. overspoelt. Toch bleef hij zichzelf, vrolijk en relativerend als altijd. Ik had (en heb) daar meer moeite mee. Een knappe serie later in het toernooi toonde dat hij echt wel een balletje kan raken, maar hij werd zesde en laatste.
Déja vu….. en toch kriebelt het een beetje bij me als ik die mannen zo gedreven bezig zie in kadercompetitie en Pk’s. Toch maar weer………??? We zien wel.

Martien de Gier


p.s. Jurgen werd en passant Nederlands Kampioen met dik 20 gemiddeld. Heel knap!! De andere kampioen was Tonny Zwart, die mij ook absoluut het beste beviel in die klasse. Wat een rust die man! Geweldig!!

Theo van der Aa naar het gewest!

Theo van der Aa gaat ons district vertegenwoordigen in de gewestelijke finale libre 3de klasse op 19 en 20 maart.

Open de bijlage om de uitnodiging te bekijken.

TERUG VAN ANDERHALF JAAR WEG GEWEEST…………………….

Tsja, “het kan verkeren” sprak Brederoo geruime tijd geleden. Zijn ruïne staat er nog bij Santpoort dus kan je nagaan hoe lang dat al is! Nu, Astrid en ik zijn terug in Kennemerland en wel in IJmuiden. Haarlem was echt niet te doen; zelfs huren daar is onmogelijk, laat staan kopen. En dat laatste wilden we ook niet meer. Begoniastraat Doesburg was ons laatste koophuis. Begin 2020 leek dat een prima optie. Ondanks corona, lockdowns enz. verhuisden we 12 september 2020 naar de Achterhoek. Veel drukte, aardig wat opknapwerk (nieuwe trap, riolering, zonnepanelen, CV, toilet en bijkeuken) en dus druk, druk, druk. Januari 2021 was alles zo’n beetje op orde, dus op naar het voorjaar.

Inmiddels was Nederland weer op slot en dat was te merken. Geen winkels, geen horeca (dus geen biljarten), fietsen/wandelen kon maar er was geen tussenstop te maken en tsja, iedere keer op en neer naar Haarlem was ook geen optie. Alleen wat contact met de buren; dat was het wel zo’n beetje. Nu vermaakte ik mij wel met (stiekem) een beetje biljarten en wat vissen, maar ook dat bood geen soelaas.

Nederland ging enigszins open en dus ook Doesburg. Najaar 2021 een beetje biljarten en ik liet mij overhalen zelfs even in de competitie mee te doen (C1 en B2). Nu, dat werd sportief gezien een complete ramp (C1), maar in de B2 deed ik het wel aardig met 0,515 na vijf partijtjes (4x winst). Afijn, punten kwijt want te hoog als nieuwkomer en kort daarop ging de hele boel weer op slot.

Tsja, bij Astrid en mij sloop er iets naars binnen: “hebben we dit wel goed gedaan? Zijn we niet te vlot geweest met verhuizen?” Het werd oktober en onze schoonzus kreeg een prachtig bericht: huurhuis toegewezen t.o. haar dochter Jessica en de twee kleine meisjes. Mooier kon het niet! En Astrid vroeg wat ik al dacht: “wij staan toch ook nog ingeschreven?” “Ja, dat klopt. Al ruim 11 jaar. Zullen we eens kijken?” Afijn, ingelogd op Woonservice, paar huizen bekeken, de mailtjes afgewacht maar er zat niets bij. Toen ineens een nieuwbouwproject aan de Orionweg in IJmuiden. Alles nieuw en dat leek ons wel wat. Gereageerd en tot onze stomme verbazing kregen we binnen 3 weken een woning toegewezen. Wel besluiten op papier want kijkdagen waren er niet.

We sprongen weer in het diepe. Van een flinke woning met voor- en achtertuin naar een appartement met balkon. Doe je dat? Wij wel en op 11-11 werd het huurcontract getekend. Astrid schrok toen ze die dag het appartement bekeek. Klein? Ja, kleiner natuurlijk maar ik zag het wel zitten. Astrid en haar ‘schone’ zus begonnen direct aan de indeling. Hier de bank, daar de kast, die slaapkamer is goed, die 2e slaapkamer wordt -heel luxe- de eetkamer, de berging wordt wasruimte en de berging beneden opslag/fietsenstalling. Prima toch?

12 Januari zijn we verhuisd. Ik was echt direct ‘thuis’, bij Astrid duurde het even. Inrichting klaar met hulp van Remco, beide schoonzonen en John Tiecken (jullie niet onbekend denk ik). Vloer erin, muren gesausd en vooral voor Astrid veel indeelwerk. Nu, een dikke maand later, zijn we echt gesetteld. Heerlijk in de bekende omgeving en met het verstrijken van de lockdown is het echt fantastisch om terug te zijn, ook bij Club70! We zien elkaar weer op de clubavond en daar kijk ik naar uit. Beetje ballen, beetje kletsen, een tip hier en daar, beetje kader, beetje driebanden, mogelijk een toernooitje of zo, ik heb er zin in. Nee, geen PK en competitie. De ervaringen in Doesburg hebben nog eens onderstreept dat ik daarvoor niet meer geschikt ben. Zo ver onder je (oude) niveau spelen is voor mij niet weggelegd.

Graag tot ziens op de clubavond. Blij dat we weer terug zijn!

Astrid en Martien de Gier.

 

Afscheid van Erelid Charles Jansen

 

Mijn geschiedenis met Charles Jansen                         20 december 2021

 

Mijn beste Charles,

Ik durf je -als in een brief-  met jou aan te spreken.

Het was eind september 1970 toen ik mijn eerste stappen deed in de Biljartacademie

van Gé van der Kuijl in de Arnoldystraat Haarlem-Noord.

En daar trof ik de biljartende familie Willemse/Jansen voor het eerst. Jan, jouw oom ,ving mij op en stelde mij voor aan de andere leden. En op die avond werd ik meteen gekoppeld aan jou, om mijn kunsten te laten zien. Je was mij toen verre de baas.

Maar geen nood. Ik kreeg van alle kanten aanwijzingen om mijn spel te verbeteren.

En van jou in het bijzonder. Ik had mij voorgesteld dat zo'n biljartavond best wel lang kon duren. Maar rond een uur of negen ging jij met aan aantal aan de grote ronde tafel zitten en kwamen de kaarten op tafel. Klaverjassen. En waren er niet genoeg maatjes om mee te spelen dan werd er gedamd of geschaakt. En daar was jij een kei in. Echt de beste van ons allemaal. Door deze verrassend afwisselende avond werd ik van de eerste dag opgenomen in jouw familieclub. Jij hebt het in 2010 bij ons 30 jarig jubileum zelf geschreven. Club 70, was jouw “familieclubje”.

En daarna, opvolger van jouw oom Jan als voorzitter, werd ik ook een beetje deel van de familie.

En daardoor kreeg ik het voorrecht om je beter te leren kennen. Want jij zat toen al in het bestuur als wedstrijdleider. Jij leerde mij dat een bestuurder geen “hotemetoot” was die het voor het zeggen had, maar iemand die in dienst stond van de leden. Die namens de leden zorgde voor het wel en wee van de vereniging. Waar ik nog wel eens van binnen in vlam stond als ik meende dat iets anders moest, was jij degene die de zaak suste en kalmerende woorden sprak. Het evenwicht in het bestuur en daardoor in de hele vereniging.

Daarmee werd het geen saai zooitje. Want je nam op feestavonden Nel mee, jouw prachtige vrouw, die zo'n beetje je bijna spreekwoordelijke tegenpool was. Jij was tevreden en blij als iedereen uit zijn bol ging. En Nel zorgde ervoor dat we ook inderdaad los kwamen.

En zo werd ons clubje ook helemaal het familieclubje, waar jij zo trots op was.

Door de verhuizing van het lokaal eerst naar Haarlem-Noord bij Tom Wisker en later naar het Koetshuis raakte het kaarten en dammen/schaken op de achtergrond. We werden een “gewone” biljartclub. Maar door jouw bestuursfunctie, met grote betrokkenheid als penningmeester, bleef de goede saamhorigheid binnen het bestuur bewaard.

Nu terugkijkend op die periode heb ik zoveel van jou geleerd. Ik koester voor mijzelf jouw bescheidenheid, jouw begrip en wijze raad en ik beschouw je als een van de grote cadeaus in mijn leven.

Het is niet voor niets dat toen Bert voorzitter was, hij ons beiden terugriep in het bestuur. Hij voelde dat er weer iets van de “familie” terug moest komen. Ook toen heb ik weer een geweldige tijd met je mee gemaakt. En dan je zoon Pieter, die natuurlijk het spelletje net als jij wel leuk vond, ook het penningmeesterschap van je overnam, maakte je zo trots. Jij nam op de achtergrond vaak het papieren werk van hem over. Maar deze dienst hield je het liefst voor je zelf. Je ging er niet prat op.

Eigenlijk hoor je lovende woorden tijdens het leven tegen elkaar te zeggen, daar een feestje van maken. Maar onze “beschaving” heeft ervoor gezorgd, dat we daar pas toe komen in een “in memoriam”.

Het is nu een aantal dagen nadat je ons verlaten hebt. Gelukkig heb je de inhoud, voorgelezen, nog mee gekregen.

Uit mijn hart zeg ik dat ik het een voorrecht vind jou niet alleen gekend, maar vooral met jou “meegeleefd” te hebben.

Een voorrecht ook om jouw vier prachtige zoons te hebben leren kennen. Maar vooral ook Pieter met wie ik vele jaren in het bestuur heb gezeten.

Ik voel me echt een stukje van jouw familie.

Een bekende uitspraak is: je bent pas dood, als men je naam niet meer spreekt.

Jouw naam zal nog heel, heel lang genoemd worden. Tot die tijd ben je voor ons  niet echt dood.

Je blijft bij ons.

Jan Larsen

CHARLES….

Toen bij mij het bericht kwam dat Charles Jansen gekozen had het leven op gepaste wijze te verlaten, was ik verrast noch geschrokken. De laatste periode dat ik Charles zelf meemaakte was uiteraard bij ’t Denksportcentrum, waar hij zo af en toe nog de middag biljartend doorbracht. Ook hebben we samen een enkele keer even aan een tafeltje gezeten waar we “onze” historie de revue lieten passeren. Tenslotte kende ik Charles ook alweer zo’n 40 jaar! (en hij mij).

Om even Charles als persoon te schetsen het volgende: begin tachtiger jaren speelde ik in een C1-team van de BV Suisse. Op een avond traden wij uit aan bij Café Kennemerland tegen Club’70. Na afloop aan de bar werd het nog even gezellig en al gauw tikte de klok iets over twaalven aan. Nu zat ik destijds in een lastige situatie. Ik was werkloos geraakt, moest goed op de centjes letten en had mijn auto weggedaan. Tot mijn verbazing waren mijn teamgenoten vertrokken en ik had een probleem. Van Haarlem Noord naar Schalkwijk geen bus meer, lopen was ietwat ver en een taxi te duur! Tom Wisker, de kastelein, zei: “Wacht even Mart, na sluitingstijd breng ik je weg.” Dat nu hoorde Charles, die mij meteen aansprak, vroeg waar ik naartoe moest en zei dat ik met hem mee kon. Ik opgelucht en wij weg.

Naar huis rijdend vroeg Charles mij hoe ik dat ging doen met de finale Hoofdklasse, ook bij Club70. Nou ja, de bus of de fiets maar dan! “Dat gaat niet gebeuren; ik pik je op!” En zo geschiedde. De hele finale werd ik gehaald en gebracht door Charles, die dat eigenlijk heel gewoon vond. Maar helemaal gewoon was het niet natuurlijk. Het was zijn onbaatzuchtige instelling die mij hielp die finale te spelen EN ervoor zorgde dat ik überhaupt mee kon doen (stond op het punt om af te zeggen).

In latere jaren leerde ik Charles en zijn vrouw uiteraard beter kennen, zeker in de perioden van mijn lidmaatschap. Geschokt was ik zeker toen zijn vrouw plotseling overleed; hetzelfde had ik meegemaakt met mijn vader. Ik kon mij zo goed voorstellen hoe Charles daaronder gebukt ging! Verrast was ik toen hij – net als mijn vader toen- direct weer probeerde de draad op te pakken. Charles liep bij Club70 en Denksport weer binnen, pakte de keu op en probeerde de gang er weer in te houden. Echter, zijn gezondheid kreeg een tik te verwerken en ondanks het ook nu vlotte herstel vertrouwde hij mij toe het niet makkelijk te hebben.

En die ontboezeming was eigenlijk niets voor Charles, zeker niet tegenover in feite een ‘biljartvriend’. Toen al had ik door dat hij -net als mijn vader- het leven welbeschouwd volledig volbracht vond. Vandaar ook mij aanhef: ‘verrast noch geschrokken”. Mocht ik hetzelfde meemaken straks, hoop ik dat ik de kracht en de moed vind dezelfde weg te kiezen die Charles (en mijn vader destijds) heeft gekozen.

De familie wens ik alle sterkte in het verwerken van dit grote verlies. Toch hoop ik dat ook zij kracht kunnen putten uit het feit dat het Charles bewuste keuze was EN dat er altijd de herinnering is en blijft aan een ongelooflijk fijn mens.

Ik zal hem zeker missen; iedereen die hem kende zal hem zeker missen!

Martien de Gier

Sponsor van de week

Tijdens de Coronacrisis even géén  Sponsor van de Week, maar in plaats hiervan een compilatie van álle sponsoren.